Wat meet en certificeert de Prestatieladder Socialer Ondernemen?

Doel en opzet van de Prestatieladder Socialer Ondernemen

Het doel van de Prestatieladder Socialer Ondernemen (PSO) is om meer personen met een afstand tot de arbeidsmarkt op een kwalitatief goede- en duurzame wijze aan werk te helpen bij diverse werkgevers: van MKB bedrijf tot Multinational en van broodbakker tot accountantskantoor. Dit is mogelijk door personen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie binnen de eigen organisatie kansen te bieden en door socialer in te kopen bij andere PSO-gecertificeerde organisaties of Sociale werkvoorzieningen (SW). De PSO systematiek stimuleert organisaties om elkaar hier actief op te bevragen. Er zijn ondertussen ruim 1000 PSO-gecertificeerde organisaties die dit doen. De groei van het aantal gecertificeerde organisaties draagt bij aan het groter besef dat het streven naar een financieel gezonde organisatie en het leveren van een maatschappelijke bijdrage goed verenigbaar zijn. Lees hier waarom organisaties de PSO nog meer belangrijk vinden.

Meetinstrument en keurmerk

Iedere organisatie kan zichzelf via MijnPSO vrijblijvend langs de online meetlat leggen. Voor een daadwerkelijke PSO-certificering vormen de (ingevulde) gegevens het formele kader voor de audit (toetsing). De audit wordt altijd verricht door een van de onafhankelijke Certificerende instellingen die voor diverse schema's geaccrediteerd zijn. De PSO-norm staat volledig omschreven in de laatste versie van de PSO-Handleiding (van TNO) en is daarmee een rule-based keurmerk dat aan strikt schemabeheer en onafhankelijke toetsing gekoppeld is. De PSO-normering is o.a. gebaseerd op de landelijke Werkgevers Enquête Arbeid (WEA) van TNO en relevante wet- en regelgeving. De PSO wordt jaarlijks in samenwerking met diverse gremia doorontwikkeld onder regie van TNO.

Meetindicatoren van de PSO

De PSO meet in welke mate organisaties aantoonbaar werkgelegenheid bieden aan kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt ten opzichte van het werkzame personeelsbestand. De volgende twee hoofdelementen worden hierbij gewaardeerd en gemeten: 

  1. De directe bijdrage: het aantal werkzame personen met een afstand tot de arbeidsmarkt in fte ten opzichte van het totale personeelsbestand in fte. Hierbij wordt tevens  gemeten of de inzet van deze personen op een kwalitatief goede manier gebeurt.
  2. De indirecte bijdrage: in welke mate organisaties inkopen bij andere PSO- gecertificeerde organisaties en SW-bedrijven.

Totale sociale bijdrage en de PSO-normen

De directe en indirecte sociale bijdrage worden bij elkaar opgeteld tot een totaalscore. Deze totaalscore wordt de totale sociale bijdrage genoemd. Vervolgens wordt de totale sociale bijdrage (het resultaat) vergeleken met andere organisaties binnen dezelfde grootteklasse, ook wel PSO-norm genoemd.  De PSO-normen zijn gebaseerd op de landelijke Werkgevers Enquête Arbeid (WEA) van TNO en worden om de twee jaar geactualiseerd. De PSO-norm bepaalt de indeling op het PSO-prestatieniveau (Aspirant-status tot en met trede 3) op basis van aantal werkzame medewerkers (grootteklasse).

Prestatieniveaus van het PSO-keurmerk

De PSO kent vier prestatieniveaus waarvoor een PSO-keurmerk kan worden toegekend. Instappen is op elk prestatieniveau mogelijk. Daarnaast kent de PSO een separate PSO 30+ certificering die als aparte uitlezing binnen het hoogste prestatie niveau 3 is opgezet. De PSO 30+ erkent organisaties die minimaal aan de gestelde eisen van artikel 2.82 van de Aanbestedingswet voldoen.

 


Direct naar: