Kwalitatieve criteria voor de directe sociale bijdrage

Kwalitatieve eisen van het PSO Keurmerk

De Prestatieladder Socialer Ondernemen (PSO) stelt ook kwalitatieve eisen aan de directe sociale bijdrage. Deze kwalitatieve eisen in vraagvorm vult u in bij stap 5 van MijnPSO. De functionerings- en ontwikkelgesprekken dienen bij een her-certificering van een PSO-trede status voor minimaal voor 80%  van de steekproefdossier aantoonbaar te zijn. 

De eisen voor PSO-trede 1, PSO-trede 2 en PSO-trede 3 zijn opgedeeld in vier kwalitatieve criteria, die voor elke trede gelijk zijn. De eisen gelden voor alle medewerkers uit de PSO-doelgroep. Onderstaand tabel geeft een overzicht. Per eis staat aange­geven op welke wijze de auditor het voldoen aan de eis toetst en beoordeelt. 

Kwalitatieve eisen Aspirant-status

Kwaliteitsaspect Omschrijving
Het voornemen om so­cialer te ondernemen

De organisatie heeft concrete doelen en acties beschreven om binnen twee jaar minimaal PSO-trede 1 te behalen en geeft daar uitvoering aan.

 

Kwalitatieve eisen PSO-trede 1, PSO-trede 2 en PSO-trede 3

Kwaliteitsaspect Omschrijving
Passend werk De organisatie draagt er zorg voor dat de medewerker uit de PSO-doelgroep passend werk heeft dat aansluit bij zijn arbeidsmogelijkheden.
Integratie De organisatie draagt er zorg voor dat de medewerker uit de PSO-doelgroep is geïntegreerd in de organisatie en op de werkvloer.
Functioneren en ont­wikkeling De organisatie draagt er zorg voor dat de leidinggevende en andere functionaris­sen die een rol spelen in de (bege)leiding van de medewerker doelgericht bezig zijn met het functioneren en de ontwikkeling van de medewerker uit de PSO-doelgroep.
Begeleiding De organisatie draagt er zorg voor dat de medewerker uit de PSO-doelgroep extra begeleiding ontvangt, als dat nodig is op grond van zijn beperkingen en/of zijn afstand tot de arbeidsmarkt.

 


Direct naar: